Hier delen we de geschiedenis van de Antwerpse Stokerij ‘Jacques Neefs’.
Vandaag nog vrij summier, zullen we dit de komende maanden verder aanvullen, met al wat we ontdekken en leren over deze stokerij.
1832
Maison Fondée en 1832, zoals dat destijds chic in het Frans klonk.
Het was Jan Baptist Neefs die in 1832 aan de Keizerstraat als wijnsteker startte. Waar hij aanvankelijk naam maakte als groothandelaar van wijnen, die hij bottelde en verdeelde. In de tweede helft van de 19de eeuw begon hij ook met het produceren van likeuren.
1890
In 1890 liet Petrus Jacques Neefs, zoon van oprichter Jan Baptist, de merknaam “De Kempenaar” officieel registreren.
Deze drank was een type elixir, oftewel een kruidenjenever. De Kempenaar was geïnspireerd door het landelijke karakter en de tradities van de Antwerpse Kempen en groeide uit tot een van de herkenbare signatuurproducten van de stokerij.
Einde 19de eeuw
Aan het einde van de 19de eeuw begon de kleinzoon van oprichter Jan Baptist fors te investeren in de promotie van de dranken. Hij zette in op reclamebeelden, vaak in samenwerking met gerenommeerde kunstenaars zoals Ernest Godfrinon.
Deze benadering onderscheidde Neefs van concurrenten en plaatste de stokerij op gelijke hoogte met grote namen zoals Stokerij De Beukelaer, bekend van Elixir d’Anvers. Niet alleen de promotie blonk uit, ook de kwaliteit van de dranken werd wereldwijd erkend. De stokerij behaalde meerdere gouden medailles op internationale wedstrijden en groeide uit tot een voorbeeld van vakmanschap, esthetiek en herkenbaarheid.
1907
In 1907 verscheen voor het eerst het beeldmerk dat uitgroeide tot het symbool van de stokerij: drie jeneverdrinkende mannen in rode hemden, ook wel bekend als de “Drie Boeren” of “Volendammers”. Ze sierden etiketten, affiches en reclamekaarten, en werden gedrukt bij de Amsterdamse steendrukkerij Van Leer. Dit herkenbare trio werd het visuele ankerpunt van ’t Wit Stoopke en zou decennialang verbonden blijven aan de identiteit van de distilleerderij.
Tegelijkertijd werd ook een vrouwelijke tegenhanger van deze figuren geïntroduceerd, speciaal voor de promotie van Elixir De Kempenaar.
1980
In 1980 werd Distilleerderij Neefs overgenomen door de wijnhandel en stokerij Geens uit Aarschot. Deze prijsbewuste producent bracht veranderingen aan in verpakking en presentatie: de traditionele witte keramieken stoop werd vervangen door een groene standaardkruik en flesseninhoud werd herleid tot 68 cl.
Hiermee ging een groot deel van het oorspronkelijke karakter van ’t Wit Stoopke verloren.
2007
Na jaren van activiteit werd het bedrijf Geens in 2007 failliet verklaard na een fraudezaak. Hiermee kwam ook een definitief einde aan de productie van ’t Wit Stoopke onder deze naam, en verdween een stuk Antwerps drankenerfgoed langzaam uit het zicht.
2025
Bijna 50 jaar na het verdwijnen van de originele stokerij wordt een nieuw hoofdstuk geschreven.
Geïntrigeerd door het rijke verleden en de iconische beeldtaal van Neefs start het initiatief om de geschiedenis van deze Antwerpse stokerij opnieuw tot leven te brengen.
Wat volgt is een zoektocht naar vergeten verhalen, materialen en recepten, met als doel de dranken en het erfgoed van ’t Wit Stoopke en De Kempenaar weer een plek te geven in het heden.
Waar dit toe leidt, zal de toekomst uitwijzen.
’t Wit Stoopke was een van de bekendste producten van Distilleerderij Neefs in Antwerpen. De naam verwijst naar de traditionele witte keramieken stoop waarin de jenever oorspronkelijk werd gebotteld. In 1907 verschenen voor het eerst drie jeneverdrinkende figuren op etiketten, affiches en reclamekaarten. Ze werden ook wel aangeduid als “de drie boeren” of “de Volendammers”, en groeiden uit tot het herkenbare beeldmerk van de stokerij. De originele afbeelding werd in latere jaren gemoderniseerd, onder andere in 1937 door de Zwitsers-Belgische graficus Leo Marfurt. Na de overname door Geens in 1980 verdwenen de witte stopen en werd overgeschakeld op standaard groene glazen kruiken, waarbij het oorspronkelijke karakter van het product grotendeels verloren ging.






